24/03/2020

#coronavirus (25). Wat is een opeising?

Er is sprake van opeisingen van medisch materiaal in het nieuwe Ministerieel besluit houdende bijzondere maatregelen in het kader van de SARS-CoV-2 pandemie op grond van boek XVIII van het Wetboek van economisch recht van 23 maart 2020 (BS 23 maart 2020).

'Art. 6. De ambtenaren bedoeld in artikel XV.2 van het Wetboek van economisch recht kunnen overgaan tot de opeising van de producten bedoeld in de artikelen 2 en 3. De directeur-generaal van de algemene directie Economische Inspectie is  emachtigd om de bevelen tot opeising te ondertekenen.
De vergoeding die bij opeising wordt betaald, dekt de kostprijs'.

Maar wat is een opeising precies naar Belgisch recht? Het betreft de onteigening van roerende goederen, die aldus Mast niet verboden is door de Grondwet, maar enkel toegelaten is op basis van een uitdrukkelijke wettekst. Opeising gebeurt slechts in uitzonderlijke omstandigheden, - de coronacrisis is o.i. dergelijk geval. De vergoeding is geen essentieel element van de opeising, alhoewel ze de regel is. De betaling van de vergoeding dient niet zoals bij een onteigening van onroerende goederen op voorhand gebeuren.

Het MB van 23 maart 2020 geeft wat de opeisingen betreft nadrukkelijk uitvoering aan artikel XVIII.2. Wetboek economisch recht:

'§ 1. Wanneer onvoorziene omstandigheden of gebeurtenissen de goede werking van de economie geheel of gedeeltelijk in gevaar brengen of kunnen brengen, kan de minister, uit dringende collectieve noodzaak en bij gebrek aan enig ander redelijk middel binnen een gepaste termijn overgaan of doen overgaan tot opeising tegen betaling van producten, om ze ter beschikking te stellen, hetzij van de Staat, hetzij van de openbare besturen of diensten, hetzij van private personen of inrichtingen.

De minister mag, mits bezoldiging, alle nuttige verplichtingen opleggen voor de tenuitvoerlegging van deze opeisingen

§ 2. De in paragraaf 1 bedoelde opeising van goederen mag slaan, hetzij op de voorwerpen zelf, hetzij op de inrichting of het materieel waarmee zij worden voortgebracht, verwerkt, vervoerd, te koop gesteld of in bezit gehouden.

§ 3. Op straffe van nietigverklaring wordt het bevel tot opeising schriftelijk geformuleerd en door de minister of zijn afgevaardigde ondertekend.
Het bevel vermeldt de aard, de duur van de opeising, de voorwaarden waaronder de opeising moet worden uitgevoerd en eventueel de hoeveelheid betrokken producten.
Het bevel tot opeising wordt met ontvangstmelding door de in artikel XV.2 bedoelde ambtenaren betekend aan de natuurlijke persoon of rechtspersoon of houder, in welke hoedanigheid ook, van de opgeëiste goederen.
In geval van noodzaak mag het bevel tot opeising mondeling worden geformuleerd en achteraf door de minister overeenkomstig het eerste lid bevestigd.

§ 4. Het ministerieel besluit waarbij de minister overgaat of doet overgaan tot de opeisingen bedoeld in de voorgaande paragrafen, wordt zo spoedig mogelijk bevestigd door een koninklijk besluit, vastgesteld na overleg in de Ministerraad.
 Indien dit besluit niet wordt bevestigd door de Koning, wordt het geacht nooit uitwerking te hebben gehad.

§ 5. De in deze titel vermelde opeisingen zijn niet onderworpen aan de wet van 5 maart 1935 betreffende de burgers opgeroepen bij vrijwillige verbintenis of bij opeising, om de werking van de openbare diensten in oorlogstijd te verzekeren, noch aan de op grond van deze wet genomen reglementen'.

We zijn er niet van overtuigd dat het opeisen van medisch materiaal te verantwoorden voor de goede werking van de economie in crisistijd. Wellicht heeft de minister gebruik willen maken van de bijzondere bevoegdheden van de in het Wetboek economisch recht bedoelde ambtenaren (Economische Inspectie). Artikel 181 van de wet van 31 december 1963 betreffende de civiele bescherming lijkt een betere rechtsbasis. Tegelijk twijfelen we er sterk aan dat een rechter kan gevonden worden die er een probleem van maakt. Nood breekt wet.

Stel hier je vraag bij dit blogbericht


Dirk Van Heuven Leandra Decuyper Corona
Meer tags?